Kredietcrisis in termen van 4C-model

Met leningen kopen we “tijd”. Krediet, het woord zegt het al, verwijst naar vertrouwen. Gaat het vertrouwen omhoog, dan gaat de rente – die kunnen we variëren – omlaag. Gaat het vertrouwen omlaag, dan gaat de rente omhoog. Met lagere rente krijgen we meer krediet die we kunnen investeren. Voorraad is in het Engels Inventory; de letter I kan ook staan voor Investments. Investeringen kunnen we concreet waarnemen, in de vorm van gebouwen, machines en inventaris. Het verschil tussen productiecapaciteit (machines) en voorraden is eenvoudig: “wanneer je capaciteit niet gebruikt, ben je het kwijt; wanneer je voorraden niet gebruikt, heb je ze nog”. Vandaar mijn aversie tegen het maken op voorraad om de capaciteit dan maar te gebruiken (iets wat het kostprijssysteem – samenwerken – wel kan bevorderen, omdat daar gemaakte producten als “verkocht” worden aangenomen, ook al is er nog geen kopen.). De rente die we betalen vormen uitgaven en ondermijnen het samenwerken. Een kredietverschaffer levert in principe geen toegevoegde waarde, maar alleen een hefboomeffect op toekomstig rendement. Op de achtergrond spelen dus aannames in de vorm van afspraken …. over terugbetalen. Hier zie je de vicieuze cyclus opdoemen en de wijze waarop er aan symptoombestrijding gedaan wordt, wanneer door meer en betere afspraken de kredietcrisis bezworen moet worden. Je kunt beter afspraken maken over het beter investeren van krediet (zie een artikel in de Volkskrant over de spoorwegen in Griekenland: de leningen zijn NIET gebuikt om te investeren in spoorwegen. Soms lijken het investeringen, bijvoorbeeld stadions voor de Spelen, maar wanneer ze niet gebruikt worden, is het een vorm van consumptie), die via meer output geld hadden kunnen opleveren(!) om de leningen mee af te betalen. Daarbij komt dat geld een afspraak is: de een neemt aan dat de lening gebruikt zal worden als investering; de ander dat het ook prima is om de lening te gebruiken voor consumptie.

Hier had ik indertijd al mot mee met de voorzitter van de RvB van Gist-Brocades. Een gulden investeren is wat anders als een gulden uitgeven. De eerste kan rendement opleveren, de tweede niet. Dit, denk ik opeens, zou best wel eens de kern van het probleem kunnen zijn: de dubbele, ambigue, betekenis van geld

Meer Investeringen kan leiden tot meer output – wanneer een markt nog niet verzadigd is. Een deel van de verdiensten zou gebruikt moeten worden om de leningen af te lossen. In Nederland zit het probleem in de “aflossingsvrije” hypotheek: de meeste mensen lossen niets af in de hoop of verwachting dat later de prijzen gestegen zijn en de verkoop van het huis – maar waar moet je dan wonen – de lening kan aflossen. Huren van de bank wordt dat geloof ik genoemd.

Het lastige is, dat wanneer je aflost, je kredietwaardigheid toeneemt en je de neiging kan hebben om meer tegen lagere rente te lenen.

Een oplossing voor de crisis ligt dus in het investeren in infrastructuur. Ook zullen we beter moeten gaan samenwerken. Griekenland zal die dingen doen waar zij goed in is, bijvoorbeeld de intensieve toeristen industrie. Verder zullen we bijvoorbeeld werknemers uit andere landen in Nederland toe moeten laten. Zij zullen het door hen verdiende geld weer investeren in hun eigen land. Dit kan eenvoudig gefinancierd worden uit de het reguleren van de drugshandel, de enige nog echt vrije handel. Door net als drank en sigaretten deze handel uit de illegaliteit te halen, verminderen we de uitgaven op het gebied van repressie en verhogen we de inkomsten.

Lees ook wat Peter Sloterdijk te zeggen heeft (in Duits). Met dank aan Willem de Wit.

Meer over paradoxen: waar paradigma paradox ontmoet
Meer over archetypen: archetypen
Meer over kaart van werkelijkheidsopvattingen: de kaart
Meer over leiderschap: leiderschap, ladders en relaties
Meer over 4C-model: communiceren, confidentie, commitment en coöperatie

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *